ED

Easy Dutch Hub

A1 – B2 · Nederlands

A1
← Alle woorden
B1Zelfstandig naamwoord

de echtgenoot

/echt·ge·noot/

Nieuw

Betekenis

De man met wie je getrouwd bent.

English

husband, spouse

Arabisch · العربية

—

In jouw taal · English

husband, spouse

Voorbeeld

“Haar echtgenoot werkt als arts.”Her husband works as a doctor.

Meer voorbeelden

  • “Mijn echtgenoot en ik zijn vijftien jaar getrouwd.”
  • “De vrouwelijke vorm van echtgenoot is echtgenote.”

Wanneer gebruik je dit woord?

Echtgenoot is formeler dan 'man'; in officiële documenten kom je dit woord vaak tegen.

Gerelateerde woorden

echtgenotepartnertrouwen

Categorie en situatie