← Alle woorden
A2Werkwoord
afzeggen
/af·zeg·gen/
Nieuw
Betekenis
Zeggen dat een afspraak niet doorgaat.
English
to cancel
Arabisch · العربية
—
In jouw taal · English
to cancel
Voorbeeld
“Ik moet onze afspraak helaas afzeggen, ik ben ziek.”I unfortunately have to cancel our appointment, I'm ill.
Meer voorbeelden
- “Kun je de vergadering afzeggen?”
- “Hij heeft op het laatste moment afgezegd.”
Wanneer gebruik je dit woord?
Gebruik dit als een geplande afspraak niet doorgaat.
Werkwoordsvormen
Infinitief: afzeggen
Tegenwoordige tijd: ik zeg af · jij zegt af · wij zeggen af
Verleden tijd: zegde af / zegden af
Voltooid: heeft afgezegd
Categorie en situatie