ED

Easy Dutch Hub

A1 – B2 · Nederlands

A1
← Alle woorden
A1Werkwoord

rijden

/rij·den/

Nieuw

Betekenis

Je verplaatsen met een voertuig zoals een auto, fiets of trein.

English

to drive, to ride

Arabisch · العربية

—

In jouw taal · English

to drive, to ride

Voorbeeld

“Wil jij rijden of zal ik rijden?”Do you want to drive or shall I drive?

Meer voorbeelden

  • “Hij rijdt te hard op de snelweg.”
  • “We hebben de hele dag door de bergen gereden.”

Wanneer gebruik je dit woord?

Kan gebruikt worden voor autorijden, fietsen en zelfs treinen die 'rijden'.

Werkwoordsvormen

Infinitief: rijden

Tegenwoordige tijd: ik rijd · jij rijdt · wij rijden

Verleden tijd: reed / reden

Voltooid: heeft gereden

Gerelateerde woorden

Categorie en situatie