ED

Easy Dutch Hub

A1 – B2 · Nederlands

A1
← Alle woorden
B1Werkwoord

communiceren

/com·mu·ni·ce·ren/

Nieuw

Betekenis

Informatie uitwisselen met anderen, mondeling of schriftelijk.

English

to communicate

Arabisch · العربية

—

In jouw taal · English

to communicate

Voorbeeld

“In dit team communiceren we vooral via de app.”In this team we mainly communicate via the app.

Meer voorbeelden

  • “Het is belangrijk om duidelijk te communiceren met klanten.”
  • “Hij heeft slecht gecommuniceerd over de wijzigingen.”

Wanneer gebruik je dit woord?

Je gebruikt dit werkwoord voor het uitwisselen van informatie op werk of school.

Werkwoordsvormen

Infinitief: communiceren

Tegenwoordige tijd: ik communiceer · jij communiceert · wij communiceren

Verleden tijd: communiceerde / communiceerden

Voltooid: heeft gecommuniceerd

Gerelateerde woorden

samenwerkenoverleggeninformeren

Categorie en situatie